Desert Punk

Desert Punk

24 min - Animation, Science Fiction, Cyberpunk, Ecchi, Animé
Your rating:

Country:   Japan
Language:  Japanese
Release Date:  2004
Director:  Takayuki Inagaki
Runtime:  0 h 24 min


Over een honderd jaar in de toekomst is Japan [en de rest van de wereld] veranderd in een woestijn. Het is niet geheel duidelijk waardoor het is veranderd, maar bepaalde dingen wijzen in de richting van een nucleaire oorlog. Sunabozu Punk speelt zich af in The Great Kanto Desert, waar de een deel van de Japanse bevolking in verschillende steden en dorpen een bestaan hebben opgebouwd. Mizuno Kanta is een van die mensen die zich staande weet te houden als handyman. Een handyman is simpel gezegd een geregistreerde bounty hunter. Het houdt in dat iemand diverse klusjes op knapt voor diverse mensen en de opdrachten worden vaak verstrekt via een tussenpersoon. Het zijn geen slecht betaalde klusjes en hij heeft een behoorlijke reputatie. Die reputatie heeft twee kanten. De eerste kant is de goede kant en houd in dat hij altijd zijn klusjes uitvoert en afrondt hoe lastig de situaties ook worden. De tweede kant is de mindere kant van zijn reputatie. Kanta is namelijk erg egoïstisch, verachtelijk en alles behalve lief, leuk en schattig. Kort gezegd, Kanta is een echte hufter… en hij is geobsedeerd door vrouwen met grote borsten… Andere handymen en bounty hunters kennen hem, door één van de twee of door beide reputaties, als Sunabozu dat zoveel als ‘Sand Demon’ betekent.

De kennismaking met Kanta begint als hij een gezin redt van drie belagers die lid zijn van Kawazu Clan. In het gevecht krijg je al gelijk een goede preview voor de actie in de rest van de serie. Het laat ook de vechtkunsten van Kanta zien en die boezemen angst in bij de belagers als ze er [te laat] achter komen met wie ze te maken hebben. Na het gevecht gaat hij op zoek naar het hoofd kwartier van de eerder genoemde Kawazu Clan omdat de leider het doel is van zijn opdracht, of liever gezegd, de ketting van de leider. Onderweg vindt hij een ondergoed dragende vrouw bewusteloos of slapend in de schaduw liggen. De hormonen van Kanta draaien op volle toeren wanneer hij ziet dat de vrouw reusachtige borsten heeft, of zoals Kanta zegt: “A babe! With boobs!”. De vrouw komt weer bij zinnen als Kanta probeert te helpen en valt hem aan omdat ze hem aanziet voor een raider [iemand die moordt en plundert puur voor geld]. Kanta legt uit hoe het zit en vraagt haar hoe zij zo in de uithoek van de woestijn is geraakt. De vrouw is ontkomen aan Kawazu Mokoto, de leider van Kawazu Clan, die haar als zijn persoonlijke slaaf wilde hebben, zodat ze pudding voor hem kon maken in plaats van zijn moeder. Ja, ja, het is werkelijk een verschrikkelijke toekomst… en Kanta is de enige hoop die de vrouw heeft. Rond het hoofd kwartier van de Clan neemt Kanta het op tegen een horde gewapende Clan leden en het wordt een explosief vuur gevecht. Via allerhande simpele truckjes verslaat hij de Clan en de Clan leider en neemt de ketting van de leider terwijl hij hysterisch begint te lachen omdat de opdracht een eitje was. In het moment van euforie explodeert er iets in de buurt en Kanta wordt omvergeblazen. Wanneer de stof wolken optrekken verschijnt de vrouw die hij eerder redde en pakt de ketting van de grond. De vrouw, Asagiri Junko, blijkt ook een handyman te zijn en zij is ook gecontracteerd door dezelfde opdrachtgever om de ketting te bemachtigen. Kanta kan niet geloven dat hij is beet is genomen door die enorme borsten die nu aan een rivaal vast zitten en dat hij zijn eerste opdracht niet kan afronden op dit moment.

Voor de volgende opdracht moet Kanta geld innen van Koike Kazuo, een oude man in Water Station #22. Koike heeft leen schulden en die lost hij niet af. Eenmaal in Water Station #22 wordt ‘t Kanta al snel duidelijk waarom Koike zijn schulden niet aflost als hij het bouwval ziet waar de man in woont. En om dingen erger te maken, Amagumo is er ook en ook hij komt geld innen van Koike, maar hij moet geld innen voor een andere klant. Kanta en Amagumo zijn bekenden maar alles behalve vrienden. Amagumo is een bekende en succesvolle schuldeiser, die niet alleen het geld int maar ook de zielen van de mensen waarbij hij het geld int, althans zo gaat de legende van zijn reputatie. De twee maken ruzie over wie als eerste de schuld van Koike int voor de klant en slopen daarbij bijna het huis.

Dan komt de dochter van Koike thuis en ziet de twee vreemden ruziën en de hormonen van Kanta beginnen weer op gang te komen. De dochter legt uit dat ze hier en daar wat baantjes heeft, maar omdat ze zo onhandig is levert het bijna geen geld op om de schulden af te betalen. Kanta weet dat er in dit huis niets waardevols te vinden valt en wil wel kijken of zijn opdrachtgever 10 dagen kan wachten zodat de dochter het geld bij elkaar sprokkelen. Amagumo ziet het anders, het enige waardevolle in dat huis is de dochter. Ondanks dat ze arm is ziet ze er goed uit en Amagumo denkt dat ze genoeg oplevert als hij haar verkoopt als slaaf. Kanta snapt het idee van Amagumo en Kanta stelt een duel voor tussen hem en Amagumo. De winnaar krijgt Koike’s dochter en dus het geld om de schuld bij één van de twee klanten af te lossen. Amagumo stemt in. Het nieuws verspreidt zich blijkbaar snel aangezien een aantal mensen zijn komen kijken. De Village Elder komt ook kijken en de Village Elder rocked! Het duel is niet veel anders dan elkaar proberen te raken vanachter hun beschutting met kogels, handgranaten, messen stenen, stokken en… ja wel elastiekjes! Het duel duurt de hele dag en nacht. Als ze tegen de ochtend eventjes uitpuffen om daar na weer verder te gaan, worden beide strijders door Koike’s dochter op de kop geslagen met een ijzeren pijp. De dochter pikt de I.O.U. bonnen van Amagumo en Kanta om ze vervolgens in te leveren en Water Station #22 samen met haar vader te verlaten.

Sunabozu, gecreëerd door Usune Masatoshi, begon als een comic in 1997 en werd voor het eerst gepubliceerd op 5 Augstus van dat jaar in Comic Bean magazine. De comic heeft tot nu toe 13 uitgaven. 12 van de 13 comics volgen de avonturen van Kanta, waar de 13de verder gaat met Kanta’s leerling Kosuma, wiens echte naam Koizumi Taiko is.

In de animé serie, die geproduceerd werd door GONZO, zijn de eerste 12 afleveringen behoorlijk luchtig en dienen voor het grootste gedeelte als een introductie voor Kanta, Junko, Amagumo, Kosuma, Dragon Kong en de Machine Gun Brothers. De afleveringen bevatten veel pervy humor, naast de beeldende humor die veelal rond m Kanta geplaatste wordt. Na de achtste aflevering begint de serie al een iets serieuzere kant op te gaan, met aflevering 11 als de uitspatting van Kanta’s perversheid. De laatste 12 afleveringen krijgen dus een serieuzere aard en de pervy humor wordt steeds minder en wordt op den duur vervangen door de meer ‘gangbare humor’ of hoe je ‘t ook noemen wil. Die serieuze aard begint eigenlijk al bij de intro van de serie. Bij de eerste helft is de intro nog zeer komisch met een live-action versie van Kanta [die er eigenlijk wel goed uit ziet, moet ik zeggen] en het liedje klinkt vrolijk en blijft in je hoofd hangen. De tweede helft heeft een ander liedje waarvan de tekst al serieuzer klinkt en de beelden van de intro is een soort van compilatie van de eerste helft.

Sunabozu moet het vooral hebben van de humor, maar toch is de serieuze inslag op z’n minst interessant te noemen, want dit maakt de baan vrij voor een blik op de wereld voor de verwoesting. Jammer is het wel dat de blik vrij beperkt is en mijn hoop is dan ook dat er nog een nieuw seizoen komt die verder gaat waar deze serie stopt, want voor mijn gevoel is de spreekwoordelijke kous nog niet af.

Visueel gezien ziet Sunabozu er erg goed uit. De achtergronden die veel al bestaan uit woestijnen, bergen en verlaten steden zijn simpel maar goed. De enkele steden, de genummerde Water Stations, zijn natuurlijk veel uitgebreider en kleurrijker en zijn op gegeven momenten echt wel even prettig om naar te kijken. De afwisseling tussen woestijn en Water Station achtergronden zijn goed getimed. De vaste characters in de serie zien er goed uit. Zowel de pakken die ze dragen als de gezichten van de characters. De andere mensen zien er ook goed uit, maar zijn bijna altijd karikaturen en lijken zelfs hier en daar een beetje afgeraffeld. Echt storend is het niet, maar het is wel een gegeven dat opvalt. En over gezichten gesproken in combinatie met het humor element van de serie. De gezichtsuitdrukkingen van geanimeerde figuren is een belangrijk punt voor het overbrengen van humor. De expressie draagt bij aan de indruk die de humor maakt op de kijker, volgens de theorie. Maar Sunabozu is daarin een vreemde gezien het feit dat de gezichten van de characters de helft van de tijd niet te zien zijn vanwege de helmen die ze dragen. In de woestijnhitte, die het kwik met gemak doet stijgen tot een 50 °C, dragen de characters allemaal een pak dat hen zoveel mogelijk weerstand biedt tegen de zon. De helmen die het hele gezicht van de characters bedekken heben, naast een scala aan sensoren en scanners, een ingebouwde airco.  Dus een heleboel gezichtsuitdrukkingen zijn niet zichtbaar en volgens die eerder genoemde theorie zou het dus lastiger moeten zijn voor de kijker om de humor op te pakken. Maar daar is wat op gevonden, sommige gezichtuitdrukkingen en expressies, zoals blozen, bedruktheid, verbazing, verwarring en de bekende ‘zweet druppel’, worden gewoon op de helm weer gegeven.

Ondanks dat Sunabozu soms een beetje in herhaling lijkt te vallen, is Sunabozu is een verrassende animé met een anti-held als main character in een mooi weergegeven apocalyptische omgeving, met een verrassende twist in het plot en waar [pervy] humor en leedvermaak de drijfveer zijn. En zo als gebruikelijk is, is Sunobozu geen uitzondering wat betreft de Amerikaanse dub… die dub is echt slecht! Waar de Japanse dub een energie explosie is de Amerikaanse dub een explosie van saaiheid. De stemmen zijn niet geloofwaardig en sommige passen zelfs niet eens bij het characters. Amerika kan een hoop zijn, maar ze zijn echt waardeloos als het aankomt op het dubben van animé series. Het is niet zo dat ik de serie hier op afreken, maar ik moest ‘t gewoon even kwijt.