Pirates of the Caribbean: At World’s End

Poster voor de film "Pirates of the Caribbean: At World's End"

Pirates of the Caribbean: At World's End

PG-13 169 min - Adventure, Fantasy, Action
Your rating:

Language:  English
Release Date:  2007
Director:  Gore Verbinski
Runtime:  2 h 49 min


Tagline: At the end of the world, the adventure begins.

Het laatste deel van de ‘Pirates’-trilogie, althans dat zegt men (want geruchten over een deel 4 zijn er genoeg te vinden natuurlijk). Maar vooralsnog het laatste deel van de ‘Pirates’-trilogie. Zo voelt de film wel. Hij rond althans de verhaallijn af zoals we die in ‘Dead Man’s Chest’ achter gelaten hebben. Onze vrienden (m.u.v. Captain Jack Sparrow) moeten naar het einde van de wereld varen om hun vriend (zijnde Captain Jack Sparrow) te redden uit Davy Jones’ locker. Daarnaast staat Davy Jones onder de controle van de VOC en is hij verplicht hun opdrachten uit te voeren (in het bijzonder die van Lord Cutler Beckett die het hart van Davy Jones in zijn bezit heeft, gekregen van de voormalige Commodore James Norrington). We varen dus inmiddels niet meer rond in de Caribbean maar desondanks is het toch een echte ‘Pirates of the Caribbean’-film geworden. Echter, er zitten wel een paar haken en ogen aan ‘At World’s End’ (let wel, er volgen een paar spoilers in deze recensie, dus als je de film nog niet gezien hebt is het misschien wijs om deze recensie pas te lezen nadat je de film hebt gezien).

De film lijdt aan hetzelfde fenomeen als zijn voorganger ‘Dead Man’s Chest’: er gebeurt te veel en er wordt te weinig uitgediept. Ook hier gaat ‘t weer om een rollercoaster ride en dat is eigenlijk ook de redding van de film. De bekende grappen zitten erin, onze geliefde karakters doen wat er van ze verwacht wordt en in de tussentijd vermaken ze ons ook wel. Maar ‘t is allemaal net wat minder dan de voorgaande 2 films. De impact die ‘The Curse of the Black Pearl’ had heeft inmiddels plaats gemaakt voor vertrouwde gevoelens bij al wat we zien: de verrassing is er dus wel af. Misschien dat dit het voornaamste euvel is, want op geen enkel vlak overtreft dit derde deel zijn 2 voorgangers. Dat was natuurlijk ook niet verwachten maar een stille hoop leefde er wel, en niet alleen in mij denk ik. Maar denk nu niet dat ‘At World’s End’ een waardeloze film is geworden zoals legio piratenfilms, want we hebben ‘t hier per slot van rekening wel over ‘Pirates of the Caribbean’, de meest succesvolle piratenfranchise sinds decennia.

Captain Barbossa is inmiddels terug en daar mogen we Tia Dalma dankbaar voor zijn (zij heeft ‘m per slot van rekening uit de dood doen herrijzen). Geoffrey Rush speelt weer op geniale wijze een voor hem niet zo voor de hand liggende rol als piratenschurk die ergens toch wel weet wat juist is en wat niet. Hij weet dat Jack Sparrow één van de 9 Pirate Lords is en dat het belangrijk is om hem terug te halen. Tia Dalma vergezelt het clubje en we zullen zien dat er meer schuilgaat achter die grijnzende kop met verrotte tanden dan “gewoon” een creepy voodoo lady (om maar zo te zeggen). Ook Bill Nighy rent van hot naar her als Davy Jones, gefrustreerd dat hij aan het lijntje wordt gehouden door Lord Cutler Beckett (die maar beter goed op ‘t hart kan passen, want anders heeft hij een probleem). En we maken kennis met een nieuw karakter, Captain Sao Feng, gespeeld door Chow Yun-Fat. Hij speelt een goede rol als schurk, voor zolang als dat duurt. En daar komen we op het eerste punt aan waar dit derde deel verschilt van zijn voorgangers: de dood speelt een prominentere rol. We zullen afscheid moeten nemen van een aantal karakters (en ik laat lekker in ‘t midden wie dat verder zijn). Ook ziet deze film er een stuk donkerder uit dan zijn voorgangers. Natuurlijk, we zijn niet meer in het zonnige Caribbean maar dalen af in Davy Jones’ locker en tevens varen we rond in Azië, blijkbaar ook midden in het regenseizoen (wat wel toepasselijk was aangezien er op het moment dat ik en mijn zooitje ongeregelde vrienden in de bioscoop zaten te genieten van deze film er buiten een stevige onweersstorm woedde, waar we boven het geraas van de film nog van konden meegenieten). Ik vind persoonlijk echter dat deze donkere sfeer de humor uit de film in een schril contrast zet, soms een té schril contrast, waardoor het soms gestunteld overkomt. Alsof de grappen gemaakt moeten worden zodat we vervolgens weer verder kunnen gaan met ‘t naderende einde van piratehood as we know it.

Wat betreft het uiterlijk van de film, daar is uiteraard helemaal niets mis mee. In de loop der tijd heeft de technologie natuurlijk niet stilgestaan en de heren filmmakers halen alles uit de kast om deze derde ‘Pirates’-film nog overdonderender te maken dan de vorige 2. Qua actie slagen ze daar gedeeltelijk in, qua plot slagen ze daar volledig in. Ja, zelfs in de wereld der piraten worden politieke spelletjes gespeeld, en dat is vooral duidelijk te merken tijdens het bij elkaar komen van de 9 Pirate Lords (waar trouwens ook een paar “Ladies” tussen zitten). Dat blijkt bijvoorbeeld wanneer men het onderwerp van de Pirate King aansnijdt: sinds de eerste is er nooit een ander geweest omdat iedereen altijd op zichzelf stemt en er dus nooit een meerderheid is. Ook dat verandert wanneer onze vrienden op het toneel verschijnen. Wat dat betreft is de titel van de film op een ander vlak ook toepasselijk, aangezien de wereld er niet meer hetzelfde uit zal zien wanneer de storm gaat liggen. Maar zoals gezegd, op het actievlak blijft deze film achter bij de andere 2. Er zit wel veel actie in de film maar echt overweldigend is het niet. De relatieperikelen van Will en Elizabeth (waarvan we ‘t begin zagen aan het einde van ‘Dead Man’s Chest’) worden aangesneden maar op zo’n oppervlakkige manier dat ze dit aspect er beter uit hadden kunnen laten. Door de verschillende karakters en de verhaallijnen die ze met zich meetorsen lijkt ook deze film overvol met subplots en net als in de voorganger krijg je het idee dat je van het ene plot in het andere wordt gesmeten. In ‘The Curse of the Black Pearl’ was het doel in ieder geval duidelijk, in ‘Dead Man’s Chest’ ook nog wel. Maar in ‘At World’s End’ beginnen de verschillende plots een beetje een eigen leven te leiden en krijg je het idee dat zelfs de karakters in de film heen en weer gesmeten worden tussen deze plots waardoor het verhaal soms rommelig overkomt. Een leuke bijkomstigheid is trouwens Keith Richards van de Rolling Stones in de rol van Teague Sparrow, de vader van Jack Sparrow. Johnny Depp heeft zijn vertolking van Jack Sparrow gebaseerd op Keith Richards, een van zijn grootste idolen (Keith zou in eerste instantie al zijn opwachting maken in ‘Dead Man’s Chest’ maar het tourschema van de Rolling Stones liet dit niet toe). Het grappige is dat Keith’s vertolking van Teague in de verste verten niet lijkt om Johnny’s vertolking van Jack, wat opzich goed is aangezien ‘t een aardige vetoning zou zijn om 2 dezelfde karakters te zien rondrennen. In plaats daarvan lijkt het meer of Teague een aantal eigenschappen bezit die in Jack aardig vergroot zijn. De ontmoeting tussen Jack en Teague is wel weer een van de betere momenten van de film, vooral als we zien hoe Jack aan zijn vader vraagt hoe ‘t met zijn moeder gaat (iets wat je nou niet meteen achter Jack zoekt).

Hoe dan ook, ga nu niet denken dat dit derde deel een mislukking is. Het blijft nog steeds’ ‘Pirates of the Caribbean’, Jack Sparrow is nog steeds een geniaal karakter dat Johnny Depp hier neerzet (eentje waar hij het langst om herinnerd zal worden) en we hebben het hier nog steeds over de beste piratenfranchise sinds decennia. Het wachten is dan eigenlijk ook op de vele films die een graantje van dit succes willen meepikken (iets wat tot op heden nog opvallend uit is gebleven), films die inferieur zullen zijn aan deze trilogie, films die ervoor zullen zorgen dat ‘Pirates of the Caribbean’ uiteindelijk toch als superieur product zal worden gezien.